Project Traumaverwerking voor kinderen in Kabul

In 2007 is in samenspraak met de gemeente gekozen voor dit project in Afghanistan. Tot halverwege 2009 wil de ZWO-commissie middels speciale acties gelden inzamelen voor dit project.

Afghanistan is een land met veel littekens. Al 25 jaar is dit land in diverse oorlogen verwikkeld. Van 1979 tot 1989 waren de Sovjet-Unietroepen in Afghanistan om het communistische bewind te ondersteunen. Dit bewind hield stand tot 1992. Daarna volgde een burgeroorlog. In 1994 kwam de Taliban op; religieuze studenten, die de islamitische wet, de shari’a, volgens hun ideeën in praktijk wilden brengen. Gevolg; vrouwen mochten niet meer zonder begeleiding de straat op, er mocht geen muziek meer worden geluisterd en kinderen mochten bijvoorbeeld niet met vliegers spelen. De meest recente oorlog had als doel de verdrijving van het Talibanbewind. Tijdens dit bewind vluchtten 3,5 miljoen Afghanen naar buurlanden als bijvoorbeeld Pakistan. Anderen bleven in Afghanistan en beleefden de oorlog van dichtbij. Na de val van het Talibanbewind in 2001, keerden veel Afghanen terug naar hun land.

Het Centrum voor Opvang en Begeleiding van kinderen (CRC. Children Rehabilitation Centre) in Kabul, de hoofdstad van Afghanistan, wil kinderen vaardigheden leren die nodig zijn om een toekomst op te bouwen. Jaarlijks kunnen hier 200 jongens en meisjes in de leeftijd van 8 tot 14 jaar terecht. De kinderen volgen ook regulier onderwijs. Vijf dagen in de week nemen de medewerkers van het centrum de deelnemers onder hun hoede. Het CRC wil er zijn voor kinderen uit arme families, kinderen die een handicap hebben of een ouder verloren hebben. De kinderen hebben hun hulp, informatie en steun nodig. De kinderen kunnen op verhaal komen en hun vreselijke verhalen over die verschrikkelijke oorlogen kwijt. Ze krijgen onderwijs over gezondheid & hygiëne en leren hoe om te gaan met elkaar na al die verschrikkelijke gebeurtenissen. De kinderen krijgen een uniform als ze naar school gaan en pen en papier. De jongens en meisjes krijgen dagelijks een lunch: brood, een glas melk en fruit! Met een lege maag kun je geen leerstof opnemen!

Ook leren ze over gevaren van landmijnen. Dat is geen overbodige luxe, want er liggen nog zo’n 10 miljoen Russische landmijnen in Afghanistan. Er gebeuren nog dagelijks ernstige ongelukken door de landmijnen.

Er is dus nog veel te doen. Wij kunnen deze kinderen een handje helpen. De opbrengsten van de acties zijn bestemd voor dit project!

CCA Traumaverwerking voor kinderen in Kabul

Het werk in het centrum te Kabul gaat door en de werkers blijven gemotiveerd om dit werk te doen. In de kranten en op de Nederlandse televisie zien we met een grote regelmaat dat de situatie nog lang niet stabiel is en dat de oorlog nog steeds veel slachtoffers vraagt. Het centrum voor opvang en begeleiding merkt dit bijna dagelijks omdat er steeds nieuwe verzoeken komen voor opvang en begeleiding van kinderen.

Het onderwijsprogramma verloopt goed. De leerkrachten zijn gemotiveerd en vinden het belangrijk de kinderen goed onderwijs te geven. De kinderen hebben in gemengde groepen les, leren lezen en schrijven maar ook werken met een computer.

CCA In de school staan computer waarop les gegeven wordt_1.jpg

En er is volop ruimte voor de kinderen om hun verhaal te vertellen. Veel leerlingen hebben oorlogsgeweld van dichtbij meegemaakt en het centrum wil een veilige plek zijn voor deze kinderen. Een plek waar ze hun verhaal kunnen vertellen van wat ze gezien en meegemaakt. Situaties worden nagespeeld zodat de kinderen daarover leren praten en die nare dingen niet wegstoppen.

Ook is er ruimte om te spelen, om gewoon kind te zijn en zo kunnen de kinderen spelende wijze leren om met elkaar om te gaan.

CCA_tussen_de_middag_spelen_de_kinderen_op_de_schommel.JPG

Op de foto twee leerlingen.

CCA_Twee_leerlingen.jpg

 

Saboor is Tadzjiek. Hij vertelt: “Samen met mijn vijf broertjes en drie zusjes woon ik in Afghanistan, een land in het werelddeel Azië. Tijdens de burgeroorlog woonden mijn familie en ik in een huis in de hoofdstad Kabul. Ik was toen nog heel klein. We hadden minder vrijheid dan nu. Ik overleefde een raketaanval op mijn huis en lag drie maanden in het ziekenhuis. Nog steeds zie je een litteken op mijn voorhoofd. Na de drie maanden in het ziekenhuis kon ik gelukkig weer met mijn vrienden spelen. Dat had ik erg gemist. Na de oorlog kon ik weer naar school toe. Ik zit nu in de vierde klas en loop door de oorlog een beetje achter. Ik vind het fijn dat jongens en meisjes nu samen naar school gaan! Ook ga ik met plezier naar het Centrum voor Opvang en Begeleiding. Ik moet wel een uur lopen voordat ik er ben, maar dat vind ik niet erg. Op het centrum doen we rollenspellen, dat vind ik het mooist. Later wil ik ingenieur worden, zodat ik een huis kan bouwen voor mijn broers en mijzelf. Dan kunnen we allemaal bij elkaar wonen. Ik wil ook graag huizen bouwen voor arme mensen die geen huis hebben. Daarom doe ik goed mijn best op school. Van mijn vader hoef ik niet zoveel klusjes te doen thuis, zo heb ik meer tijd voor mijn huiswerk. Hij spaart ook geld voor mijn opleiding, want ik mag van hem verder studeren. Aan de kinderen in Nederland wil ik zeggen dat jullie goed moeten studeren, zodat je je land van dienst kan zijn.”

 

 Foto's van de CCA

  In een schoollokaal in gesprek

CCA_In_een_schoollokaal_in_gesprek.jpg

Tussen de middag eten de kinderen op school

CCA_Tussen_de_middag_eten_de_kinderen_op_school.jpg

2 Leerkrachten

CCA_Twee_leerkrachten.JPG

 Update van het werk van CCA,

rehabilitatiecentrum voor Kinderen in Kabul, Afghanistan

 Achtergrond:

De situatie van Afghaanse kinderen is op het moment zeer zorgelijk. Hoewel er geen nauwkeurige data zijn, weten we dat kinderen het slachtoffer zijn van huiselijk geweld, kinderarbeid en conflicten in de samenleving, Kinderen lijden vaak in stilte in de situatie waarin ze zich zonder uitweg bevinden. Het werk dat tot dusver in de Afghaans samenleving is geleverd om kinderen te bescherming staat in schril contrast met de grootte van het probleem.

 Afghanistan heeft ongeveer 12.000 openbare scholen (basisscholen en middelbare scholen). Ongeveer de helft van deze scholen heeft geen gebouw. Ze komen samen in tenten of in de open lucht. Daar komt bij dat veel scholen in de oorlog vernietigd zijn en docenten en leerlingen gedood, terwijl dit land veel meer scholen en docenten nodig heeft. In 2008 werden 700 scholen vanwege onveiligheid of aanvallen gesloten.  Sommige  werden in 2009 weer geopend. Volgens het ministerie van onderwijs gaan er in Afghanistan ruim 6 miljoen kinderen en jongeren naar school (totale bevolking 32 miljoen).

 Meer dan de helft van de Afghaanse bevolking is onder 19 jaar oud. Ze hebben familieleden en vrienden verloren, klasgenootjes, huizen en scholen. Dus zijn er meer mensen in Afghanistan die door de oorlog gevormd werden dan door vrede. Hun kindertijd ging verloren. Daarnaast zijn er nog regio’s waar de oorlog tot op de dag van vandaag doorgaat.

 Kinderarbeid is een wijd verspreid fenomeen in Afghanistan. In Kabul schat men het aantal werkende kinderen op 60.000. Volgens UNICEF rapporten werkt zeker 20% van de kinderen in de basisschoolleeftijd. Kinderen beginnen op zeer jeugdige leeftijd te werken. Het gaat vaak om teruggekeerde vluchtelingen die de hoge levenskosten in de stad niet kunnen bekostigen. Het aantal straatkinderen en bedelaartjes stijgt. Veel kinderen werken in de tapijtindustrie. Deze situatie bedreigt de toekomstige generatie van dit land.

 Kinderarbeiders zijn kwetsbaar voor allerlei vormen van fysiek, seksueel en mental geweld en uitbuiting. Ze hebben vaak geen toegang tot betaalbaar onderwijs, zodat ze straks een ongeletterde en niet geschoolde generatie gaan vormen. Het gaat bovendien vaak om kinderen die drugs gebruiken, verhandeld worden of in de criminaliteit terecht komen. Sommigen zijn geďnfecteerd met het HIV. 80% van de 8000 kinderen in kindertehuizen hebben nog een minstens 1 levende ouder. 40% van de meisjes trouwt voor het 18e levensjaar en heeft dan geen toegang meer tot onderwijs. Hun gezondheid loopt door de leeftijd waarop ze trouwen in gevaar. De laatste jaren zijn er veel meldingen van kinderhandel in sommige streken van het land. Sommige kinderen worden zowel thuis als op straat mishandeld. Het fysieke geweld tegen kinderen is in de Afghaanse cultuur vrij gewoon. Ook zien kleine kinderen al dat hun moeder en zusters en broers geslagen worden. Seksueel geweld in het gezin komt veel voor. Meer dan de helft van de meisjes onder de 16 jaar worden tot een huwelijk gedwongen.

Gegevens van UNICEP Afghanistan

Percentage

Kinderarbeid (5-14 jaar) 1999-2004 totaal

34

Kinderarbeid (5-14 jaar) 1999-2004 jongens

31

Kinderarbeid (5-14 jaar) 1999-2004 meisjes

38

Kindhuwelijken 1986-2004 totaal

43

 

 Geleerde lessen na vijf jaar werken met kinderen binnen het werk van CCA

 Vlak na de val van het Taliban regiem (2002) ging CCA al aan het werk met kinderen en zette men het rehabilitatiecentrum voor kinderen op om aan de enorme vraag naar hulp voor door de oorlog getraumatiseerde kinderen te kunnen voldoen. CCA hielp de afgelopen jaren 100 kinderen en hun families per jaar.

 CCA gebruikte in haar werk een holistische aanpak om de kinderen en hun families te helpen, maar ook om de oorzaken van het geweld tegen kinderen in gezinnen en gemeenschappen aan te pakken. Een focus op de slachtoffers is niet genoeg, er moeten duurzame oplossingen komen voor het probleem van kinderen. De oorlog is in verschillende delen van het land over, maar het geweld tegen kinderen niet. De oorlog is niet de enige reden voor dit geweld.

Het programma van CCA moet ook specifieke werkwijzen ontwikkelen voor kinderen met sociologische problemen, straatkinderen of voor kinderen in de gevangenissen of in opvangcentra. Deze doelgroepen vereisen ieder een andere aanpak.

-Verder zet CCA in op het constant trainen van haar personeel om de kinderen beter van dienst te kunnen zijn en beter te kunnen beschermen.

 Update van de activiteiten van CCA:

De school

De klassen van het rehabilitatiecentrum van CCA in Kabul zijn in twee shifts; 1 in de morgen – van 9.00 uur tot 13.30 uur en 1 in de middag – van 1.30 uur tot 4.00 uur. 50 leerlingen komen 5 dagen per week in 2 klassen in de morgen en 2 klassen in de middag naar het centrum. Het verzuim van de leerlingen is zeer laag (aanwezigheid 99%).

Na problemen met stroom en wateroverlast zijn de computer lessen ook weer volgens het lesrooster opgestart.

Docenten van de school hebben twee keer per maand contact met de ouders van hun leerlingen.  


De hosting van de8hoek.nl wordt verzorgd door H.J. Rijksen van MyWWW internetdiensten Scherpenzeel
- uw betrouwbare internetpartner -